Passio Christi, een confrontatie tussen twee Brugse passieverhalen
Elk jaar is het de bedoeling om een bepaald aspect van het rijk Brugs religieus erfgoed in de kijker te plaatsen. Vorige zomer ging in de Sint-Jakobskerk een tentoonstelling door met als onderwerp de Brugse pelgrims naar Compostela en in het najaar konden bezoekers in de kerk van Ver-Assebroek kennis maken met de aldaar belangrijke Mariadevotie.
Dit jaar wordt de neogotische kruisweg in de Sint-Gilliskerk belicht. Dit geheel van veertien staties uit 1884 behoort ongetwijfeld tot de betere voorbeelden die te vinden zijn in de Brugse binnenstad. De gipsen reliëfs zijn van de hand van beeldhouwer Jan Frans Devriendt en werden gepolychromeerd door Jules Bevernage. De onlangs uitgevoerde opfrisbeurt geeft het geheel een bijzonder cachet in deze gotische kerk.
Deze 19de-eeuwse kruisweg confronteren we met een 18de-eeuws ‘passiehoveken’. Dit wordt gevormd door tientallen beschilderde uitgezaagde figuren uitgevoerd door de Brugse schilder Jan-Antoon Garemijn en zijn atelier. Ze dateren uit de jaren 1770 en berusten sedert een 15-tal jaren in de reserves van Musea Brugge. Voordien stonden ze opgesteld in het klooster van de zusters Maricolen. M.a.w. het “passiehoveken” is weinig of niet gekend door het grote publiek.
Het verschil in stijl, in uitbeelding, in materialen en in concept lijken dan ook een interessante basis te zijn om beide passieverhalen van naderbij te bestuderen en in de kijker te plaatsen. Daarbij staan we ook stil bij het tot stand komen van de kruisweg in het algemeen. Wat waren de drijfveren van onze voorouders om dergelijke taferelen in kerken en kloosters te plaatsen? Welke plaats had de kruisweg en zijn beleving binnen de gelovige gemeenschap? Deze vrijwel ongekende kerkschatten zullen de bezoeker zeker weten te verrassen en te boeien.
Praktische info
Organisatie: Musea Brugge
Waar: Sint-Gilliskerk
Periode: 22 juni – 25 september 2011
Dagelijks van 10-13u en van 14-18u, toegang gratis


